Visie op duurzaamheid

Duurzaamheid begint bij het bewustwordingsproces. Het gebouw zal enerzijds zo duurzaam mogelijk moeten worden opgericht en te exploiteren zijn, maar anderzijds dat vooral uitstralen naar de volgende generaties. De huidige generatie volwassenen heeft, tot voor kort, eigenlijk geen duurzaamheiddiscussie gevoerd. Bouwen was op zich, in financiële termen, al heel duurzaam, en efficiënt en deden we dat toch al. Niet vanwege het minder belasten van onze planeet maar alleen vanuit een kostenoverweging.

Bewustwording is op duurzaamheidsgebied toch wel het toverwoord. Alleen al het benoemen en controleren, plaats thuis eens een digitale verbruiksmeter, kan zonder verlies van comfort een eerste 20% aan besparingen opleveren. Elke organisatie zou een soort van ‘energie commissaris’ moeten aanstellen waardoor in de loop van de tijd, zonder verder comfortverlies, nog eens 10 tot 20 % valt te besparen op energieverbruik.

Natuurlijk zijn de begrippen van het TRIAS Energetica concept nog steeds van kracht maar meer nog zijn de bewuste keuzes de beste aanzet tot een duurzame samenleving. Laten we vooral zelf de rekening betalen en niet onze kinderen met de rekeningen van onze onbezonnen leefstijl opzadelen.

Duurzaamheid integraal geadviseerd
Duurzaam bouwen staat voor het ontwikkelen en beheren van de gebouwde omgeving met respect voor mens en milieu en is daarmee een onderdeel van de kwaliteit van deze gebouwde omgeving. Het vraagt visie op de functionele, economische en technische levensduur van het vastgoed. Duurzaam verantwoord ondernemen is een maatschappelijke ontwikkeling die de afgelopen jaren in de vastgoedwereld is doorgedrongen. Dit is ingegeven door het feit dat een bedrijf of instelling haar gebouw als element wil gebruiken om haar maatschappelijke verantwoordelijkheid te laten blijken. Het vraagt grote nauwkeurigheid en inzet van alle betrokken partijen om dit te vertalen naar het ontwerp en inrichting van het gebouw.


Kwaliteit staat voorop
Bij het ontwikkelen van een duurzaam gebouw staat de kwaliteit voorop. Een gebouw waarin gebruikers zich prettig voelen heeft immers een langere levensduur en is daardoor duurzamer. Van belang is dat een gebouw wordt ontwikkeld voor mensen en daardoor van binnen naar buiten moet worden ontworpen. Te specifiek vastgoed maakt de mogelijkheden op termijn beperkt. Durf dus met elkaar echte ruimtelijke kwaliteit te maken die op termijn meerdere functies kan herbergen.

Duurzaam ontwerp
In onze visie is het allereerst van belang voor aanvang van het project het beoogde ambitieniveau vast te stellen. Al in de infinitief- en VO-fase van het ontwerpproces worden immers de belangrijkste beslissingen genomen en uitgangspunten vastgesteld om tot een duurzaam ontwerp te komen. Hierbij moet het ontwerp integraal worden beschouwd met inpassing van alle betrokken disciplines. De beslissingen uit deze fase worden in het latere ontwerpproces verder uitgewerkt en continue bewaakt t.o.v. het uitgangspunt.

Duurzaam materiaalgebruik
Ook de architectuur van het gebouw dient duurzaamheid uit te stralen. Een belangrijk aspect daarvan is het materiaalgebruik. De voorkeur gaat daarbij uit naar natuurlijke, hernieuwbare materialen die duurzaam zijn geproduceerd. De hele keten van betrokken partijen zullen hierbij in moeten bijdragen.

Energiebeheersing
Voor het bereiken van een zo duurzaam mogelijke energievoorziening is een strategie ontwikkeld die bekend staat als de Trias Energetica. Volgens deze strategie is de eerste stap het beperken van het energiegebruik door beperking van de vraag. Denk daarbij aan goede thermische isolatie, luchtdicht bouwen, gebruik van daglicht of het toepassen van aanwezigheidsdetectie voor de verlichting. De tweede stap is het gebruik van duurzame energiebronnen zoals bodemwarmte, zonne-energie en wind. De derde en laatste stap behelst het efficiënt gebruik van eindige energiebronnen. Aan de hand van de Trias Energetica is het mogelijk het gebruik van eindige energiebronnen en de daarbij behorende CO2-uitstoot sterk te beperken. Bovendien dient de gebruiker zich te realiseren dat zij in haar gedrag een belangrijke rol speelt in het beperken van het energiegebruik. Echter, door verkeerde keuzes in het ontwerptraject of uitvoeringsfouten tijdens de bouw komt het helaas regelmatig voor dat het gedrag van de gebruiker onbewust leidt tot energieverspilling. Hierbij geldt in het algemeen: hoe complexer de technische installaties hoe groter de kans op energieverspillend gebruikersgedrag. Om dit te voorkomen is een logisch gebouwontwerp en een duidelijke communicatie naar de gebruikers essentieel.

Integraal ontwerpen en duurzaamheidadvies
Een bekend cliché is dat we in de bouwbranche steeds weer opnieuw een nulserie aan het ontwikkelen zijn. Dat doen we dan wel met alle kennis die we bij de voorgaande projecten hebben opgedaan maar de complexiteit ligt vaak in de steeds wisselende (project)teams. Binnen die teams draagt iedereen een eigen verantwoordelijkheid en juist op de snijvlakken van die verantwoordelijkheden ontstaan fouten of ontbreken kansen op kwaliteit. Door eigenbelang is er geen sprake van teamwerking maar eerder van groepsgedrag. Als een echt samenwerkingsverband van bedrijven verantwoordelijk is voor de eindkwaliteit dan ontstaat er een natuurlijke discussie tussen de samenwerkende partij om tot een optimaal (duurzaam) product te komen. In de ouderwetse ontwerp- en aanbestedingsmarkt komen de onzekerheden van de verschillende snijvlakken voor rekening van de initiatiefnemer die zich veelal niet bewust is van deze risico’s.

Kwantificering en beoordeling
Er bestaan verschillende methoden om duurzaam bouwen te kwantificeren en te beoordelen. De bekendste methoden zijn: Nationaal Pakket Duurzaam Bouwen, GPR Gebouw, EcoQuantum, LEED, Passiefhuis, GreenCalc+, BREEAM-NL. In deze laatste beoordelingsmethoden zijn de volgende thema’s opgenomen: energie, gezondheid en binnenmilieu, materialen, water, afval, landgebruik en ecologie, vervuiling, transport en management. Voor aanvang van het project moet een keuze worden gemaakt op basis van welke methode de duurzaamheid wordt gekwantificeerd en beoordeeld en wat het daarbij behorende ambitieniveau is. Als input voor deze methode gelden onder andere de energieprestatie (EPC) en GreenCalc+ of GPR Gebouw voor materialen. Naast een kwantificering op gebouwniveau kunnen de toegepaste materialen ook afzonderlijk worden beoordeeld op basis van verborgen milieukosten, milieubelastingsfactor of milieuklasse.

TEAM 4 Architecten heeft opgeleide BREEAM Experts in dienst.