Rectificatie!

Ik krijg op mijn columns veel reacties. Vaak zijn ze positief, soms negatief. Dan wil men rectificatie! Wij willen een rectificatie! riep het bestuur van het kerkhof, nadat ik had gewezen op de erbarmelijke staat van de grafzerken. Wij zijn vrijwilligers en doen al jaren ons best. Je hebt ons werk bezoedeld. Ik wil een rectificatie! riep een Chinese restauranthouder toen ik zijn eeuwenoude cultuur had geprezen maar niet begreep waarom dat allemaal voor zijn raam moest staan. Mijn klanten zijn er boos van! Ik wil een rectificatie! riep een architect, omdat ik de rijen bergingen langs de openbare weg een aanfluiting vond. Je hebt mijn bedrijf schade berokkend. Ik wil een rectificatie! riep de huisarts verontwaardigd naar aanleiding van mijn laatste column, omdat ik de neonreclame op zijn gevel een lelijke eyecatcher vond. Als je niet rectificeert ga ik terugslaan. En nog veel harder ook!

Haren De Krant heeft mij vijf jaar geleden gevraagd een column te schrijven over Haren, gezien door de ogen van een architect. Men ging er destijds van uit dat ik de lezer kon wijzen op mooie en minder mooie dingen in het dorp. Dingen die een “gewone” lezer niet ziet, waar hij gemakkelijk aan voorbij loopt. Een architect zou dat kunnen, want zijn ogen zien meer dan die van een leek. Ik geloof dat ook. Ik zie meer, of liever, ik zie ándere dingen, en ik probeer daar dan iets over te zeggen.

Mijn missie met de columns is om het oog van de lezer te laten vallen op mooi en lelijk, zodat er onder het publiek meer begrip komt voor vormgeving. Ik wil gebouwen laten spreken, maar ik wil ook dat er over gesproken wordt. En daarbij schuw ik niet om ook ons eigen werk te benoemen. Als architect blijf je met hart en ziel verbonden aan het object en je voelt pijn als er later minder fraaie elementen aan worden toegevoegd.

De opdrachtgever over wiens project ik schrijf is blij als het oordeel positief is. En niet als het negatief uitpakt. Andere lezers hebben daarover geen emoties. Het publiek praat wel over de vraag “heeft  die Koopmans gelijk” en of ze het zelf eigenlijk “mooi of lelijk” vinden. In mijn laatste column ging het over de buitenreclame op een huisartsenpraktijk; het zal vast niet leiden tot de vraag of de dokter wel goed is. En een huisarts die zo’n prachtige uitbreiding realiseert, heeft zeker oog voor schoonheid en detail. En hij kan vast wel tegen een kritische noot bij een detail, al is het de eyecatcher. Natuurlijk, rectificeren zal ik. Dan staan we te genieten en schudden we elkaar de hand, want het is vast mooi als de gestapelde letters gedraaid zijn.