Molshoop

Schiep God de mens naar Zijn evenbeeld? vroeg ik laatst aan de Paus. Pfff, zuchtte hij vermoeid, waarschijnlijk schiepen de mensen God naar hún evenbeeld. Het is een eeuwenoud vraagstuk. Maar ik zal het voor je uitzoeken; binnenkort krijg ik er tijd voor. Maar hoe dan ook, zei hij, er kwam een hoop kopieerwerk aan te pas!

Scheppen is jatten. Althans voor een deel. Maar voor welk deel? Het is nooit helemaal duidelijk waar de oorspronkelijkheid begint. Een architect zoekt voortdurend inspiratie in zijn omgeving. Hij gaat daar zelfs voor op pad. Dicht bij huis en heel ver weg. Eigenlijk is hij altijd en overal op zoek naar inspirerende voorbeelden. Als architecten scheppen, denkt u niet aan hun gewroet in de aarde. Terwijl wij architecten dat soms ook doen. Gewapend met een schep probeer ik regelmatig mijn tuintje schoon te houden van mollen. Niet alleen in mijn grasveld, maar zelfs in het grind verschenen deze week geweldige bulten met aarde. En hoog! Niet te geloven, dat zo’n klein zwart beestje daartoe in staat is. Tijdens dat spitten kan een architect ook inspiratie opdoen. Althans dat begreep ik toen ik richting Waterhuizen vertrok. Daar waar je Oosterhaar verlaat en de Doctor Ebelsweg op rijdt. Achter de bosjes zag ik vanuit mijn autoraampje een geweldige molshoop! Vanuit de grond is daar een zwarte massa omhoog gekomen. Een fraaie gebogen vorm met een introvert karakter. Wie heeft dat bedacht? Waartoe dient het? Het is een huis! Gewoon een huis, waarin mensen komen te wonen. Op deze plaats langs zo’n drukke weg! Maar wel mooi hoor. Welke opdracht kreeg de architect mee? We willen geen verkeerslawaai horen! Dus geen grote raampartijen! Kijk, dan gaat een architect nadenken. Achter zijn tekentafel. Maar ook tijdens het spitten. En dan komt er vanzelf iets. De vorm is niet nieuw, nee die was al eens bedacht. Door de mollen! Maar dat geeft niet. Beter goed gejat, dan slecht bedacht.